Logo Bouwnu

Bouwen met vertrouwen

Verticale toegankelijkheid staat niet gelijk aan personenlift plaatsen

08 september 2026

Een personenlift lijkt bij een hoogteverschil de meest voor de hand liggende oplossing. Maar verticale toegankelijkheid gaat verder dan alleen een lift plaatsen. Iemand moet de lift ook zelfstandig kunnen bereiken, betreden, bedienen en begrijpen. Voor een rolstoelgebruiker gaat het bijvoorbeeld om voldoende doorgangs- en manoeuvreerruimte. Voor iemand die slechtziend of blind is, moeten de bediening en informatie herkenbaar zijn. En voor iemand die doof of slechthorend is, mag belangrijke informatie niet uitsluitend via geluid worden gegeven. De sinds 2025 geldende NEN 9120 voor de toegankelijkheid en bruikbaarheid van gebouwen kijkt daarom naar het gebouw én naar het daadwerkelijke gebruik ervan.

Verticale toegankelijkheid staat niet gelijk aan personenlift plaatsen

Wanneer is een personenlift daadwerkelijk toegankelijk?

NEN 9120 maakt duidelijk dat toegankelijkheid uit meerdere onderdelen bestaat. De route naar de lift moet bruikbaar zijn, er moet voldoende ruimte beschikbaar zijn en de bediening moet bereikbaar en begrijpelijk zijn. Ook voorzieningen voor mensen met een visuele of auditieve beperking spelen daarbij een rol. Denk aan visueel contrast, tactiele informatie en duidelijk herkenbare bedieningselementen.

Michel, accountmanager binnendienst bij Aesy Liften ziet dat ook terug in de uitvoering van personenliften. Zo kunnen bedieningspanelen worden voorzien van vandaalbestendige drukknoppen met braille en LED-verlichting. Daarnaast kunnen akoestische signalen en ingesproken meldingen worden toegepast bij aankomst van de lift. Ook wanneer de stroom uitvalt, speelt toegankelijkheid een rol. Aesy past hiervoor bij geschikte liftoplossingen een ingebouwde accumodule toe, zodat de gebruiker de lift veilig kan verlaten wanneer de netspanning wegvalt.

Waarom is hiervoor een landelijke norm opgesteld?

NEN 9120 is sinds februari 2025 de Nederlandse uitwerking van de Europese toegankelijkheidsnorm NEN-EN 17210. De norm is mede opgesteld tegen de achtergrond van het VN-verdrag Handicap en geeft ontwerpcriteria voor gebouwen die door een brede groep mensen zelfstandig en veilig kunnen worden gebruikt.

Daarbij gaat het nadrukkelijk niet alleen om liften. De norm behandelt onder meer toegankelijke routes, deuren, hoogteverschillen, bewegwijzering, visueel contrast, tactiele informatie en bediening.

NEN 9120 is niet automatisch voor ieder bouwproject wettelijk verplicht. De norm kan bijvoorbeeld als ontwerpcriterium worden toegepast of onderdeel zijn van aanbestedingen en contractuele afspraken. De wettelijke minimumeisen voor gebouwen zijn daarnaast vastgelegd in het Besluit bouwwerken leefomgeving. Dat onderscheid is belangrijk. Een gebouw kan aan de minimale wettelijke eisen voldoen, terwijl er vanuit toegankelijk ontwerp meer mogelijk is om het gebouw bruikbaar te maken voor verschillende gebruikers.

Toegankelijkheid begint bij het gebouwontwerp

Bij nieuwbouw kan al vroeg worden bepaald waar een personenlift komt, hoeveel ruimte ervoor beschikbaar is en hoe de toegankelijke route naar de lift wordt ingericht. Ook doorgangen en manoeuvreerruimte voor rolstoelgebruikers kunnen dan direct worden meegenomen.

Volgens Michel wordt in ontwerpen nog regelmatig te weinig ruimte voor de lift gereserveerd. Zijn advies is om niet alleen vanuit het absolute minimum te ontwerpen, maar ook rekening te houden met mogelijke toekomstige gebruikers en waar mogelijk voor een ruimer liftplatform te kiezen.

Een ruimtereservering van bijvoorbeeld 1.050 bij 2.050 millimeter lijkt op papier aanzienlijk, maar biedt volgens Aesy niet vanzelfsprekend voldoende ruimte voor een lift die goed bruikbaar is voor rolstoelgebruikers of, wanneer dat gewenst of vereist is, voor vervoer met een brancard.

Ook de positie van de liftdeuren verdient vroeg aandacht. Wanneer onvoldoende rekening wordt gehouden met de beschikbare inrijdiepte en manoeuvreerruimte, kan een lift in de praktijk minder goed bruikbaar zijn voor een rolstoelgebruiker. Aesy adviseert daarom om de positie van de deuren al in de ontwerpfase zorgvuldig af te stemmen op het beoogde gebruik van de lift.

Daarnaast kan bij het ontwerp direct rekening worden gehouden met de benodigde verlaging voor de lift. Daarmee kan worden voorkomen dat later een oprit nodig is om het hoogteverschil naar de lift te overbruggen.

Een personenlift inpassen in een bestaand gebouw

Bij bestaande gebouwen zijn veel van deze keuzes al gemaakt. De vloerindeling, constructie en verkeersroutes liggen grotendeels vast. Een lift kan technisch vaak nog worden toegevoegd, maar dat betekent niet automatisch dat iedere oplossing ook goed toegankelijk is. Vooral de beschikbare ruimte vormt in de praktijk regelmatig een beperking, ziet Michel. Er is niet altijd voldoende vloeroppervlakte beschikbaar om een lift te realiseren die ook voldoende ruimte biedt voor rolstoelgebruikers.

Daarnaast moeten voor het plaatsen van een lift soms bestaande verdiepingsvloeren worden doorbroken. Die aanpassing moet constructief worden opgevangen. Afhankelijk van het gebouw kan dit de mogelijkheden beperken en aanzienlijke aanvullende bouwkundige kosten met zich meebrengen.

Daarom is het bij bestaande gebouwen belangrijk om niet alleen te onderzoeken óf een personenlift technisch geplaatst kan worden, maar ook hoe de complete route en het gebruik van de lift na plaatsing functioneren.

Ontwerpen voor de gebruiker

De belangrijkste vraag is uiteindelijk niet alleen of een gebouw een lift heeft. De vraag is of degene die van die lift afhankelijk is hem zelfstandig kan bereiken, betreden, bedienen en veilig gebruiken. Dat vraagt om aandacht voor de personenlift zelf, maar ook voor de beschikbare ruimte, de route ernaartoe, de bediening en de bouwkundige omgeving. Juist daarin zit het verschil tussen alleen een lift plaatsen en daadwerkelijk ontwerpen voor verticale toegankelijkheid.

Door: Advertorial

<
757 van 766
>

Gerelateerd nieuws

Het belang van materiaalcontrole op de bouwplaats
25 maart 2026

Het belang van materiaalcontrole op de bouwplaats

Waar gewerkt wordt, kunnen fouten worden gemaakt. Maar fouten op de bouwplaats kunnen fataal zijn en mensenlevens kosten. Daarom is het van het grootste belang om alles volgens vastgestelde protocollen te laten verlopen. Maar minstens even belangrijk is het om alle materialen regelmatig aan een grondige inspectie te onderwerpen. Daarnaast is het bijhouden van een logboek met betrekking tot de gebruiksduur van materialen zeer aan te bevelen. Slijtage en metaalmoeheid kunnen voor gevaarlijke situaties zorgen, die je te allen tijde zou moeten voorkomen.

Regel de RI&E voor je bedrijf en voorkom boetes
19 februari 2026

Regel de RI&E voor je bedrijf en voorkom boetes

Risico-inventarisaties en -evaluaties (RI&E) zijn voor veel bedrijven verplichte koek. Met alle wet- en regelgeving zoals de Arbowet en controlerende instanties, is het dus goed om op de hoogte te zijn van alles omtrent de RI&E. Weet jij bijvoorbeeld hoe vaak je een RI&E moet uitvoeren en wat de gevolgen kunnen zijn als je dit verzaakt? Je leest er hier meer over.

Luchtdicht en waterdicht bouwen: slimme details rond naden en kieren
23 maart 2026

Luchtdicht en waterdicht bouwen: slimme details rond naden en kieren

Je ziet ze vaak pas als het te laat is: een dunne kier langs een kozijn, een doorvoer die net niet strak aansluit, een naad waar de wind nét doorheen fluit. En toch bepalen juist die details of een woning comfortabel aanvoelt, energiezuinig is en vrij blijft van vochtproblemen. Luchtlekken kunnen tocht, warmteverlies en geluidsoverlast veroorzaken. Water dat via een minuscuul punt naar binnen kruipt, kan op termijn isolatie aantasten, schimmel in de hand werken en hout laten werken of rotten.